De_Jong_eaBoekbespreking. Dit boek poogt de overzichtelijkheid en toepasbaarheid van het openbare-orderecht te verbeteren.

Het boek is opgedeeld in drie delen. In het eerste deel worden openbare-ordebevoegdheden beschreven. De auteurs behandelen bijvoorbeeld de bevoegdheid van de burgemeester om noodbevelen te geven, evenals zijn bevoegdheden om gebieden aan te wijzen waar gefouilleerd mag worden of waar cameratoezicht mag worden toegepast. Ook de bevoegdheden in het kader van de Wet openbare manifestaties en de Voetbalwet worden besproken.

De beschrijving van deze bevoegdheden is systematisch en volledig: de verschillende relevante wetsartikelen worden behandeld aan de hand van een omschrijving van de inhoud van de bevoegdheid, waarna een bespreking van jurisprudentie en literatuur ten aanzien van deze wetsartikelen volgt. De auteurs staan steeds stil bij de vraag of de bevoegdheden de grondrechten aantasten en of een eventuele inbreuk aanvaardbaar is in het licht van de Grondwet en het EVRM. Ook de bestuurlijke rechtsbescherming komt aan bod: schiet de toetsing door de rechter tekort?

In het tweede gedeelte worden ontwikkelingen rondom het burgemeestersambt beschreven. Het is interessant dat de auteurs verschillende perspectieven behandelen: zowel juridische als maatschappelijke en bestuurlijke ontwikkelingen komen aan bod, van de opkomst van sociale media en de netwerkmaatschappij tot de schaalvergroting van het bestuur. In het derde gedeelte ten slotte, worden scenario’s geschetst om de inzichtelijkheid en toepasbaarheid van het openbare-­orderecht te verbeteren. Net als de eerste twee delen is dit gedeelte breed opgezet en compleet. De auteurs stellen herstructurering en harmonisatie van het openbare-orderecht voor. Zij bespreken verschillende scenario’s, waaronder de introductie van een specifieke wet die openbare-ordebevoegd­heden regelt. Naast deze ingrijpende wijziging worden ook minder vergaande alternatieven gepresenteerd, waarbij artikelen niet in een nieuwe wet worden ondergebracht, maar wel worden geharmoniseerd.

De interviews met burgemeesters in het tweede deel vormen een interessante toevoeging aan het juridisch onderzoek. De theoretische inzichten worden zo gecombineerd met opvattingen van de uitvoerders van de bevoegdheden in de praktijk.

Het boek biedt aanknopingspunten voor beleidsmakers en is een goede aanzet voor wetenschappelijke discussie. Dit WODC-onderzoek bespreekt met name het wenselijk recht. Dat maakt het voor de rechtspraktijk een minder voor de hand liggende keuze. (JvM)

M.A.D.W. de Jong, W. van der Woude, W.S. Zorg, J.L.W. Broeksteeg, R. Nehmelman, I.U. Tappeiner & H.R.B.M. Kummeling
Orde in de openbare orde – Een onderzoek naar verbetering van de toepasbaarheid en inzichtelijkheid van het openbare-orderecht
Serie Staat en Recht (SteR) deel 33, Deventer: Wolters Kluwer 2017, 464 p., € 52,50