Mijn jaar columns voor Ars Aequi zit erop. In de geest van de decembermaand sluit ik af met iets op rijm. Het betreft het lied ‘Het huis met de bronzen beelden’, dat is gecomponeerd voor en ten gehore gebracht bij het afscheidsfeest op 18 maart 2016 ter gelegenheid van de verhuizing van de Hoge Raad der Neder­landen van Huize Huguetan aan het Lange Voorhout naar het huidige gebouw aan het Korte Voorhout. Het zal de lezer niet ontgaan dat het hier een parodie betreft op ‘Het dorp’ (beter bekend als ‘Langs het tuinpad van mijn vader’), van de hand van Friso Wiegersma en gezongen door Wim Sonneveld. Voor de niet-ingewijde lezers heb ik verklarende noten toegevoegd.

Thuis heb ik nog een aquarel,
waarop een oud Indisch hotel,
een restaurant Le Bistroquet.
Pulchri, een raadsheer op de fiets,
het zegt u hoogstwaarschijnlijk niets,
maar ‘k heb hier menig stap gezet.
Dat huis, vol sleetse oude meuk,
wat waren mijn collega’s leuk,
een mestkar ratelt op de keien,
hij kiept zijn inhoud voor de deur,
ach, rook ik één keer nog die geur,
en Truus haar lekkernijen.

En door de Tuinzaals hoge ramen
zag ik de bronzen beelden staan.
Ik was zo jong en kon niet weten,
dat dit toch ooit voorbij zou gaan.

Wat werkten we eenvoudig toen,
in grijze zakken van katoen,
met paperclips en elastiek.
Maar blijkbaar werkten we verkeerd,
’t proces is gemoderniseerd,
dat ging KEI-goed, heel energiek.
Want ziet, zo doen we allemaal,
we ploeteren nu digitaal,
en werken in ‘n betonnen koker,
met flink veel glas, dan kun je zien:
Financiën begint om half tien,
op ’t Malieveld een onruststoker.

En door de Tuinzaals hoge ramen
zag ik de bronzen beelden staan.
Ik was zo jong en wist niet beter,
dan dat dit nooit voorbij zou gaan.

Het WB klit wat bij elkaar,
in stemmig grijs en keurig haar,
als men niet zwanger is of ziek.
Ik weet wel, het is hun goeie recht,
‘t Nieuwe Werken, net wat u zegt,
maar het maakt mij wat melancholiek.
Ik heb hun ouders nog gekend,
ze vochten elkaar hier uit de tent,
‘k zag ze naar Raioplaatsen dingen.
Dat huis van toen, het is voorbij,
dit is wat er blijft voor mij,
een aquarel, herinneringen.

Nu ik voor de Nieuwbouws hoge ramen
de bronzen beelden weer zie staan.
Ik ben nog jong, maar weet nu beter,
dat dit toch nooit voorbij zal gaan.

Verklarende noten

  • ‘een oud Indisch hotel’: Hotel Des Indes, Lange Voorhout 54-56.
  • ‘een restaurant Le Bistroquet’: ooit vermaard, maar inmiddels verdwenen restaurant, Lange Voorhout 98, naast de voormalige Amerikaanse ambassade.
  • ‘Pulchri’: Pulchri Studio, Lange Voorhout 15.
  • ‘een mestkar ratelt op de keien’: naast de ingang van de Hoge Raad aan de Kazernestraat 52 bevond zich de ingang van een manege.
  • ‘Truus haar lekkernijen’: Truus was het hoofd van het bedrijfsrestaurant in Huis Huguetan die soep en kroketten bereidde.
  • ‘Tuinzaal’: de zaal in Huis Huguetan waar de wekelijkse raadkamer van de civiele, de straf- en de fiscale kamer plaatsvond, met uitzicht via de tuin op de zes bronzen beelden voor de ingang
  • aan de Kazernestraat; die bronzen beelden bevinden zich nu voor het huidige gebouw van de Hoge Raad.
  • ‘grijze zakken van katoen’: nog steeds gebruikte opbergtassen voor de papieren procesdossiers.
  • ‘KEI’: het in 2018 gestaakte Programma Kwaliteit en Innovatie rechtspraak.
  • ‘Financiën’: Ministerie van Financiën, Korte Voorhout 7, tegenover de lange zijde van het huidige gebouw van de Hoge Raad.
  • ‘Malieveld’: terrein tegenover de korte zijde van het huidige gebouw van de Hoge Raad, waarop kermissen, popconcerten en betogingen plaatsvinden.
  • ‘WB’: het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad dat parket en raad ondersteunt.
  • ‘Raioplaatsen’: ooit gebruikelijke aanduiding voor vacatures voor rechterlijke ambtenaren in opleiding.

 

Deze column is eerder verschenen in Ars Aequi december 2019.