Dat was wel even schrikken. Het vorige nummer van dit blad wilde u doen geloven dat het einde van Ars Aequi in zicht was. Het einde althans als Nederlandstalig juridisch studentenblad. Het feit dat deze mededeling verscheen rond 1 april had u natuurlijk op een grap alert moeten maken, zo de verdere inhoud dat niet al deed. Eppur! En toch zit er iets in. Het voorstel is eenmaal serieus ter Ars Aequi-tafel geweest. Ook toen was uw huidige columnist de indiener. Dat voorstel was minder radicaal dan dat van het aprilnummer. De Nederlandstalige uitgave van Ars Aequi zou gewoon blijven bestaan, compleet met artikelen, annotaties en zelfs columns. Maar daarnaast zou er een Engelstalige bijlage komen, bestemd voor niet alleen de lezers van Ars Aequi, maar ook die van Jura Falconis, Juristische Schulung en al die andere buitenlandse tijdschriften voor juridische studenten.

Ik geef toe dat de praktische uitvoering van dit plan niet zo simpel is. Zijn Duitse studenten bereid een Engelstalige bijlage ter hand te nemen? Elders worden de Ars Aequi’s vaak commercieel uit­gegeven. Zijn arresten in het buitenland ook de hoofdmoot? Zijn de huidige auteurs in staat hun steenkolenengels in te ruilen voor Oxbridge taalgebruik? Wie draagt het financiële risico?

En toch loont het eens de proef op de som te nemen. Het idee sluit ook aan op de talloze Engelstalige studieboeken die in heel Europa worden gebruikt, bijvoorbeeld op het gebied van het Europese recht. Ook in mijn vakgebied, het privaatrecht, bestaan dergelijke publicaties. Een boek dat ooit is opgezet door twee Amsterdamse studenten, Martijn Hesselink en Edgar du Perron (Towards a European Civil Code), wordt op het hele continent voorgeschreven. Er is zelfs een reeks boeken die alom emplooi hebben. Dat is de serie ‘Ius Commune Casebooks’. Die serie gaat terug op een brainwave van wijlen Walter Van Gerven (‘I had a dream’). Van Gerven wist heus wel dat Belgische studenten in zijn tijd heel wat jurisprudentie hadden te verstouwen, maar afgezien van een plukje Europese rechtspraak, was dat allemaal Belgisch wat de klok sloeg. Idem in Duitsland, Engeland, Frankrijk en zelfs het kosmopolitisch ogende Nederland. Had iemand bij ons ooit van Hühnerpest, het Mercier-arrest of Donoghue v Stevenson gehoord? Daar moest verandering in komen, vond Van Gerven. Wat hij deed was een reeks casebooks opzetten, op het gebied van contract, onrechtmatige daad, goederenrecht, enz., waarin niet het recht van één stelsel, maar dat van heel Europa aan de orde kwam. Zodat voortaan alle rechtenstudenten in Europa genoemde drie arresten zouden kennen. Een supplement op Ars Aequi zou de casebooks bij de tijd kunnen houden.

Een studentenblad – dat geldt ook voor een supplement – staat of valt met voldoende belang­stelling bij lezers en redacteuren. Dat van die lezers zit wel snor. Zullen er ook voldoende studenten bereid zijn als redacteur aan te treden? Bij voorkeur met enige geverseerdheid in de Engelse taal?

Deze column is verschenen in het Ars Aequi meinummer 2017.