Boek_Dieben_eaBoekbespreking. Op 18 december 2015 werd aan Taru Sponken, sinds september 2013 advocaat generaal bij het parket van de Hoge Raad, een liber amicorum uitgereikt, ter markering van haar afscheid van – in de eerste plaats – de advocatuur en – in de tweede plaats – de wetenschap. In de bundel worden niet alleen op juridisch vlak enkele veren in de hoed gestoken van ‘Nederlands meest succesvolle advocaat in Straatsburg’ (Egbert Myjer), de ‘koningin van de verdediging’ (wederom Myjer) en ‘godmother of procedural rights’ (Caroline Morgan), in enkele meer persoonlijke beschouwingen krijgt ze eveneens de lof toegezwaaid die haar op dat vlak toekomt.

Uiteraard is er aandacht voor haar belangrijkste wapenfeiten als advocaat, in het bijzonder voor de door haar uitgelokte EHRM-uitspraken die tot de canon van het strafprocesrecht kunnen worden gerekend en waarin tegen Nederland een EVRM-schending werd aangenomen (Kostovski, Van Mechelen, Geerings en Geisterfer). Ook passeren enkele actuele thema’s de revue, zoals de kwestie van de raadsman bij het politieverhoor, het ondervragingsrecht, de toelaatbaarheid van de huidige Nederlandse praktijk van de levenslange gevangenisstraf en het toezicht op de advocatuur. Voor een belangrijk deel dus onderwerpen die als gemeenschappelijke noemer delen dat de rechten van verdachten of tot vrijheidsstraf veroordeelden onder druk staan en waarbij advocaten(-generaal) als Spronken in de voorbije jaren stevig tegen de dominante stroom hebben moeten inroeien. Voor wie geïnteresseerd is in manieren waarop rechten van verdachten verbeterd zouden kunnen worden biedt het boek dan ook een aardige bloemlezing van kwetsbaarheden in het huidige systeem (zou er al een exemplaar zijn opgestuurd naar de opstellers van het ‘gemoderniseerde’ wetboek van strafvordering?).

De bundel ademt naast een vanzelfsprekende weemoedigheid die bij een dergelijk afscheid hoort ook enige opstandigheid uit over de gure tijdgeest ten aanzien van de rechten van verdachten en over het vermeende conservatisme daaromtrent bij de rechterlijke macht in het algemeen en de Hoge Raad in het bijzonder (zie hierover bijvoorbeeld ‘de beperktheidsleer’, in de bijdrage van Niels van der Laan). Dit sentiment wordt echter gekoppeld aan het optimisme over het vermogen van Spronken hier juist in haar nieuwe functie iets aan te doen. Want ook voor de Hoge Raad geldt dat het ‘van groot belang is dat de bedden daar zo nu en dan eens stevig worden opgeschud’ (Jan Reijntjes). (LN)

Th.O.M. Dieben, J.I.M.G. Jahae & P.T.C. van Kampen (red.),
Advocaat(-generaal). Liber amicorum Taru Spronken
Deventer: Wolters Kluwer 2016, 410 p., € 45,00