55hobbesleviathansmall

Commissarissen willen verdienen naar verdiensten. Ondanks een gestaag uitbreidend takenpakket lijkt de gemiddelde vergoeding van commissarissen achter te blijven. Dit salaris zou volgens commissarissen weer in de pas moeten lopen met de werklast, zo blijkt uit onderzoek van Tias en de Erasmus Universiteit.[1] Deze onvrede van commissarissen is goed te verklaren. Hun verantwoordelijkheid is immers fors toegenomen. Via verschillende codes voor goed ondernemingsbestuur en de dreiging van rechterlijk ingrijpen (zoals recentelijk bij zorggroep Meavita), is de commissarisfunctie belangrijker, maar ook veeleisender en complexer geworden. De lat ligt kortom hoog. Het commissariaat is geen erebaantje meer.

Om adequaat toezicht op bestuur in de zorg, het onderwijs en het bedrijfsleven te waarborgen, moet deze realiteit onder ogen worden gezien. Bij een zware functie hoort een professionele aanpak. Op dit moment faciliteert de wet de nodige professionalisering van het commissariaat echter onvoldoende. Terwijl andere functies in en rond bedrijven in de praktijk al jaren worden uitgeoefend door professionele organisaties, wordt het commissariaat nog steeds behandeld als een erebaan voor vaak drukbezette individuen. Waar het voor bestuurs- en accountantsfuncties mogelijk is om naast individuen ook organisaties te benoemen, is het benoemen van een rechtspersoon als commissaris van een Nederlandse vennootschap uitdrukkelijk verboden. Alleen individuen mogen plaatsnemen op de commissarisstoel, is de gedachte.

Het verbod op de rechtspersoon-commissaris geldt momenteel alleen voor kapitaalvennootschappen, maar in een aanstaand wetsvoorstel (‘Wet bestuur en toezicht rechtspersonen’) wordt dit uitgebreid naar de stichting en vereniging; rechtspersoonsvormen die veel voorkomen in de semipublieke en ideële sector. Deze uitbreiding van het verbod lijkt echter weinig doordacht. Dat is ongelukkig, maar vooral ook een gemiste kans. De wetsherziening biedt namelijk de mogelijkheid het tij te keren en de zware en belangrijke commissarisfunctie de professionele ondersteuning te bieden die een verbeterd intern toezicht tot een succes kan maken. De eerste stap in die te maken professionaliseringsslag is het openstellen van het commissariaat voor rechtspersonen.

Opheffing van het verbod op de rechtspersoon-commissaris biedt duidelijke voordelen. Een organisatie kan altijd in functie zijn, waardoor het commissariaat fulltime kan worden vervuld. Dit biedt ruimte voor een kwaliteitsimpuls in de vorm van meer mankracht en meer specialisatie. Bovendien is een rechtspersoon-commissaris flexibel. Al naar gelang specifieke behoefte aan een bepaald soort commissaris bestaat (bijvoorbeeld sterk in de media of juist financieel onderlegd), kan de juiste persoon naar voren worden geschoven door de rechtspersoon. Ook heeft de rechtspersoon qua efficiëntie veel te bieden. Hooggekwalificeerde personen die nu volledige commissarisposten bekleden worden vaak benoemd vanwege hun ervaring en kennis op het gebied van leiding, strategie en planning. Door uitdijende verantwoordelijkheid moeten zij zich echter steeds meer bezighouden met voorbereiding en papierwerk. Een achterliggende professionele organisatie kan de commissaris ondersteunen op dit vlak. Op deze manier wordt geen tijd verspild, maar worden personen uitsluitend ingezet waar zij het meest toevoegen. Ten slotte biedt deze professionalisering een bijkomend voordeel ten aanzien van het ‘old boys network’. Tegenover deze vermeende vriendjespolitiek kan de professionele organisatie een meer transparante werving- en selectie stellen, waarin functionaliteit en kwaliteit de boventoon voeren. In dat geval ontleent de afgevaardigde commissaris zijn reputatie aan de organisatie en niet langer aan zijn of haar netwerk. Kort gezegd liggen kwaliteit, flexibiliteit en efficiëntie dus voor het oprapen, maar wordt er vooralsnog geen actie ondernomen.

Het commissariaat is een zware functie geworden. Dat is een goede zaak. Een zwaarder commissariaat is in het belang van goed functionerend toezicht. Om aan deze professionele standaarden te voldoen, bestaat behoefte aan uitvoering door professionele organisaties. Het aanstaande wetsvoorstel biedt een uitgelezen kans om in deze behoefte te voorzien door het commissariaat voor rechtspersonen open te stellen. Deze mogelijkheid van verbetering en professionalisering is er een die de wetgever niet mag laten liggen. De lat is de afgelopen jaren hoog gelegd. Het is nu tijd om te werken aan de sprong.

Voor een meer uitgebreide analyse van deze problematiek, zie K.H.M. de Roo, ‘De rechtspersoon als commissaris’, TvOB 2015/3, pp. 106-111.

[1] M. Lückerath-Rovers & A. de Bos, Nationaal Commissarissen Onderzoek 2015 (https://www.tias.edu/dossiers/detail/nationaal-commissarissen-onderzoek).